In de 18e eeuw hielden 17 poldermolens de Bommelerwaard droog. Nu herinnert alleen de poldermolen in Zuilichem hier nog aan. Lineke leerde het vak als jong meisje van haar vader en is nu al ruim 50 jaar molenaar. De molen is niet alleen haar lust en haar leven, maar ook haar huis. Een bijzonder huis, maar klein. Voor een poldermolenaar was en is de molenschuur op het erf daarom een belangrijk stukje extra ruimte.
Het onderhoud aan de molens kost veel geld. Er blijft daarom vrijwel niets over voor het onderhoud van het molenerf en bijgebouwen. Molenstichting voor het Gelders Rivierengebied vraagt daarom iedereen om een steentje bij te dragen. Kunnen zij ook op uw steun rekenen?
Over (Naamloos)
De poldermolen van Zuilichem is gebouwd in 1720. Op een balk in de kap is het jaartal 1735 terug te vinden. De Zuilichemse poldermolen had tot taak om de Bommelerwaard ten oosten van de Meidijk droog te houden. In totaal stonden er 17 poldermolens in de Bommelerwaard; die te Zuilichem is de laatst overgeblevene. De molen diende als voormolen (bovenmolen) en maalde het water van de wetering in de boezem, waarna het richting de Maas ging.
In 1855 kwam er ook een stoomgemaal. De poldermolen bleef echter in gebruik, aangezien dat gemaal nogal eens problemen kende. Maar ook de molen kende die: nadat in maart 1938 een roede was gebroken, was de toekomst even onzeker. Maar zowel de burgemeester van Zuilichem als De Hollandsche Molen zetten zich nadrukkelijk voor de molen in en er werd gunstig beslist: in november 1939 kwam de molen, nu voorzien van Dekkerwieken, weer in gebruik. Hiervoor was onder meer een roede, afkomstig van de net gesloopte Windasmolen te Hoornaar, gebruikt.
De molen aan de Meidijk bleef tot 1950 in bedrijf, totdat de waterloop als gevolg van een ruilverkaveling gewijzigd werd. In de jaren 1970-1973 is de molen gerestaureerd en werd door de aanleg van een maalcircuit weer mogelijk hem in werking te stellen. Helaas is als gevolg van de ruilverkaveling het landschap veranderd en in de omgeving teveel wezensvreemde begroeiing ontstaan.
De molen werd in 1991 gerestaureerd. Er is toen een nieuw gevlucht in gekomen. Verder is de kap recht gelegd, de molen was namelijk in de loop der tijden iets scheef gezakt. In de kap is aan één kant zo'n 4,5 cm. vulhout gebruikt om het 'tegen de helling op kruien' te verhelpen.
Op 22 augustus 2024 kwam deze molen goed weg, nadat het schuurtje op de molenwerf in brand was geraakt. De wind stond niet recht op de molen en de bewoners en later de brandweer hielden de rieten romp zorgvuldig nat. Het schuurtje ging geheel verloren.
Opmerkelijke details: de gehele molen is op poeren gebouwd; ongebruikelijk is dat ook de buitenroe een wafeling in de hekkens heeft.
Gedurende ruim 200 jaar is de molen bemalen en bewoond geweest door diverse generaties Daggelder.
Word Molenvriend
Nederland zonder molens is ondenkbaar. Maar om deze monumentale iconen te laten draaien en malen is geld en aandacht nodig.