Dendrochronologisch onderzoek moet helderheid geven

De geheimen van de Grote Geesterse Molen

Grote Geesterse Molen - H. Noot

In het Overijsselse Geesteren staat sinds 1867, (sommigen beweren 1863) de achtkante beltmolen de Grote Geesterse Molen. In 2021-2022 werd de molen gerestaureerd. Daarbij stuitten de molenmakers op veel geheimzinnige balken, die duidelijk hergebruikt zijn.  Voor De Hollandsche Molen voldoende aanleiding om een (bouw)historisch onderzoek te laten uitvoeren. Ook staat er een dendrochronologisch onderzoek op het programma. Pas daarna zal er meer duidelijkheid zijn.

Over de molen valt echter nog veel meer te vertellen. Dat werd wel duidelijk in het gesprek bij de molen met Peter Haverkort, voorzitter van de Stichting Grote Geesterse Molen en vrijwillige molenaar Jan Jansen. Maar nu eerst het bouwhistorisch onderzoek.

Dat onderzoek, uitgevoerd door bouwhistoricus Dick Zweers en André Nibbelink van Nibbelink Monumentenadvies, is overigens nog gaande. Het tweetal denkt inmiddels wel dat er onderdelen zijn gebruikt van een standerdkast, waarschijnlijk de voorganger van de huidige molen, die op dezelfde plek stond. Bovendien zou het hen niet verbazen als deze standerdkast net zo groot is geweest als die van de Wissink’s Möl in Usselo. Dat wordt nog onderzocht. Daarnaast sluiten zij niet uit dat de standerdkast eerst ergens anders heeft gestaan.

Momenteel zijn dit allemaal nog theorieën. Het wachten is op de uitslag van het dendrochronologisch onderzoek (dat is de wetenschapsdiscipline die zich onder andere bezighoudt met het dateren van houten voorwerpen, red.). Dat specifieke onderzoek moet nog beginnen. Pas als die resultaten bekend zijn, zullen hopelijk veel geheimen worden onthuld.

De uitkomsten van het onderzoek zullen vermoedelijk pas over enkele maanden bekend zijn.

 Grote Geesterse Molen
De kap van de Grote Geesterse Molen wordt na te zijn opgeknapt teruggeplaatst. (Foto: Stichting Grote Geesterse Molen)

De restauratie

Jan Jansen gaf mij een rondleiding door de molen. Hij vertelde over toestand van de molen vóór de restauratie: “Ik denk dat de eigen bomen die gebruikt zijn voor de achtkantstijlen hier zo uit het bos zijn gehaald. Ze zijn vooral bovenin te licht en ook nog van binnenuit aangetast, waardoor er helemaal niet veel overbleef. Het gevolg was dat er eentje gebroken is en toen konden we niet meer kruien.  We dachten dat er drie slecht waren, maar toen de kap eraf was zagen we dat het er vijf waren, die allemaal keurig door het bedrijf van Roald Hans zijn aangelast.” Ook zijn negen balkkoppen onder de maalzolder hersteld, het boventafelement is aangepakt, plus nog diverse andere onderdelen, en de molen is geschilderd.

Lime
Grote Geesterse Molen Foto Harmannus Noot

Hoe meer je om je heen kijkt, des interessanter wordt de molen. Ook ik herken onderdelen, die ergens anders vandaan moeten komen en inkepingen die duiden op een mogelijk andere indeling van de molen.  Jan lacht:  “Het gaat met jou nog net als met Dick en André, ze zouden even de molen bekijken, maar ze bleven twee dagen!”

Molen heeft grote betekenis

De Grote Geesterse Molen is voor molendeskundigen bouwhistorisch interessant, maar de molen betekent ook veel voor de plaatselijke gemeenschap. Haverkort stelt trots:  “Dat is wel duidelijk! Dat hebben we in 1995 bewezen, toen het hele dorp in touw was om geld voor een restauratie te vergaren, en nu was dat weer het geval. Het is gelukt om € 93.500 bij elkaar te krijgen. Deze keer hadden we trouwens ook hulp van ‘buitenaf’, hoor. Vooral van het Molenfonds van De Hollandsche Molen, daar kregen we € 52.500 van. Andere bijdragen zijn afkomstig van het Prins Bernard Cultuurfonds, het Rabofonds, het Hendrik Mullerfonds en het Dinamo-fonds. Ook hebben we een crowdfunding-actie georganiseerd via steunactie.nl. De molenaars hebben daarnaast samen met andere vrijwilligers veel zelf gedaan. Dat bespaart natuurlijk enorm.

"Dat hebben we in 1995 bewezen, toen het hele dorp in touw was om geld voor een restauratie te vergaren, en nu was dat weer het geval."
Peter Haverkort

Verder hebben we circa 350 ‘Vrienden van de Molen’, die elk jaarlijks € 10 bijdragen. De gemeente geeft elk jaar € 1000. Jaarlijks houden we een molenweekend met een markt en we zamelen oude kleding in”, gaat hij verder,  “Dit soort initiatieven brengt jaarlijks honderden euro’s op. En sinds vorig jaar hebben we gouden, zilveren en bronzen sponsoren, allemaal lokale bedrijven die ons steunen bij het in stand houden van onze molen.”

Toekomst

De molen is nu gerestaureerd, maar stilzitten is er niet bij. Haverkort:  “We blijven als bestuur ons best doen om de molen maalvaardig te houden. Op deze molen worden daarom ook diverse aspirant-molenaars opgeleid. En we zijn niet uitgedacht: er zijn plannen om in 2023 een foodtruckfestival te organiseren bij de molen.”

Grote Geesterse Molen foto Harmannus Noot
Peter Haverkort, voorzitter van de Stichting Grote Geesterse Molen (links), en vrijwillige molenaar Jan Jansen. (Foto: Harmannus Noot)

Tekst Rolf Wassens

Foto's Harmannus Noot

Zwart

Geschiedenis Grote Geesterse Molen

Op de plek waar nu de Grote Geesterse Molen staat, liet Albertus Masselink, boer op erve ‘De Meijer’, in 1820 een standerdkast bouwen. Deze molen is al in 1867 (1863?) vervangen door de huidige molen, een achtkante beltmolen. Masselink verkocht de molen aan zijn knecht Gerard Kienhuis rond 1900. Hij liet het woonhuis in 1907 en het karakteristieke pakhuis rond 1920 bouwen, blijkbaar ging het zakelijk goed. Toen zijn oudste zoon Gerard op jonge leeftijd overleed, nam zijn andere zoon Hein het bedrijf over. Zo is de molen eigendom geweest van in totaal drie generaties Kienhuis.

Restauraties

Hoewel elektrisch malen een stuk makkelijker was, liet Kienhuis de molen in 1943 met hulp van subsidiegevers, maar hoofdzakelijk op eigen kosten, restaureren. Opmerkelijk is dat er verwarring ontstond of de molen wel of niet maalvaardig werd opgeleverd. In 1954 herhaalde zich iets soortgelijks. In 1965 meldde technisch adviseur Buys van De Hollandsche Molen dat de molen gerestaureerd moest worden, daar hij anders ‘als verloren beschouwd kan worden’. Uiteindelijk werd de molen in 1974-75 gerestaureerd, 90 procent werd gesubsidieerd, maar Kienhuis moest altijd nog 10 procent (11.000 gulden) zelf betalen.

In 1994 was de molen opnieuw zodanig in verval geraakt, dat er dringend restauratie nodig was. Om die reden verkocht Gerrit Kienhuis, inmiddels de derde generatie, de molen in 1995 voor één gulden aan de nieuw opgerichte Stichting De Grote Geesterse Molen. In 1996 werd door molenmaker Wintels een grote restauratie uitgevoerd voor een bedrag van 356.600 gulden. Ook toen al was het dorp bijzonder actief om geld in te zamelen, met als grote klapper de grootste step van de wereld, waarmee Geesteren het Guiness Book of Records haalde. Bovendien ging een groepje van acht door heel Twente en zelfs nog daarbuiten op de step, om maar publiciteit te krijgen voor de molen.

Grote Geesterse Molen restauratie 1974-1975 (Foto: Archief De Hollandsche Molen)
Grote Geesterse Molen restauratie 1974-1975 (Foto: Archief De Hollandsche Molen)