Bijdrage aan natuur- en milieudoelen is evident

De herijking van het watermolenlandschap

Watermolen - Wim Giebels

Het behoud van ons erfgoed, het herstel van het leefgebied van de zalm en het probleem van toenemende overstromingen door klimaatveranderingen. Het lijkt niet veel met elkaar te maken te hebben. Maar bij het behoud van de Noord-Brabantse en Limburgse watermolens blijken deze vraagstukken opeens allemaal een rol te spelen. Wat betekent het voor onze watermolens?

Wouter Pfeiffer is specialist wind- en watermolens bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.

“De toenemende aandacht voor onze natuur gaat niet altijd hand in hand met de toenemende aandacht voor onze monumenten”, legt hij uit. “Zo is er in Europees verband aandacht voor migratie van onder ander de atlantische zalm en de beekprik. In de zogeheten Europese Kaderrichtlijn Water is vastgelegd dat deze vissoorten vrij in onze rivieren moeten kunnen migreren. Je voelt het al aan”, zegt hij. “Watermolens zijn niet of moeilijk passeerbaar voor vis. Hierdoor kunnen ze hun leefgebieden niet meer bereiken of worden ze beschadigd of gedood door het molenrad. Dat mag dus niet meer.”

“De toenemende aandacht voor onze natuur gaat niet altijd hand in hand met de toenemende aandacht voor onze monumenten”
Wouter Pfeiffer - Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed
Blauw

Buiten bedrijf

In Europa  zijn om die reden al honderden watermolens buiten bedrijf gesteld. “Ik vind dat een ernstig probleem voor de watermolens en heb erop gewezen dat er te weinig aandacht is voor het behoud van ons erfgoed. Wij vinden dat je in dit geval de kool en de geit moet sparen en in moet zetten op het watermolenlandschap. Er worden gelukkig ‘vistrappen’ bij veel van onze molens aangelegd zodat de vis stroomopwaarts kan zwemmen zonder het rad te passeren, terwijl de molen kan blijven draaien. Het moet natuurlijk wel altijd een afweging zijn: er moet een grens zijn aan de kosten en de schade aan cultuur om de trekvissen vrij baan te geven,” zegt hij.

Waterhuishouding

Pfeiffer wijst ook op een klimaataspect van de functie van watermolens. “Behalve voor het behoud van de molen zelf, is het ook voor de omgeving van groot belang dat de molen in bedrijf kan blijven. Onze monumenten kunnen namelijk een actieve rol spelen in de waterhuishouding. Stroomopwaarts, vóór de watermolen kan de molenaar water vasthouden in een kunstmatig stuwmeer. Dankzij de druk van dit water, heeft de waterstroom voldoende kracht om het rad aan te drijven. De molenaar kan er in een natte periode meer water opslaan, maar kan het water in het stuwmeer ook langer vasthouden. Daarmee kunnen we verdroging van natuurgebieden tegengaan, maar kunnen we ook het water reguleren als dat nodig is. Overigens is een aantal van de meest waardevolle natuurlandschappen in Nederland ontstaan door de watermolens”, benadrukt hij.
 

Vistrappen en waterbeheer Foto 2 Ittervoort Schouwsmolen foto SAVON WG

BOVEN: De vispassage bij de Schouwsmolen in Ittervoort. Het is een ondiepe nevengeul die alleen in het voorjaar, bij hoge waterstanden, het teveel aan water uit de beek afvoert. Juist het moment waarop ook de vis migreert.” (Foto: RAVON)

LINKS: De Graanmolen in Eijsden (L) met rechts duidelijk zichtbaar de vistrap. (Foto: Wouter Pfeiffer/Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)

Lime

Riet Meijer is met haar man eigenaar van De Hooydonkse Watermolen in Nuenen (N-B) en is nauw betrokken bij de watermolenproblematiek: “Toen wij 25 jaar geleden eigenaar werden van de watermolen, hadden we al snel door dat de molen niet een monument was onder een stolp, maar onderdeel was van een watersysteem dat van groot belang is voor de natuur.”
Over nut en noodzaak van vispassages stelt zij: “Wij vinden het ook belangrijk dat vis de molen kan passeren. Een goede vispassage is een vispassage die zo min mogelijk water gebruikt. Dat is in het belang van watermolens maar ook van klimaatopgaven, ecologie en landbouw.
De vispassage bij de Schouwsmolen aan de Itterbeek in Limburg is een mooi voorbeeld. Het is een ondiepe nevengeul die alleen in het voorjaar, bij hoge waterstanden, het teveel aan water uit de beek afvoert. Juist het moment waarop ook de vis migreert.”

Kennis opbouwen

“De ‘cascade (trapsgewijze watervervallen - red.)’ van watermolens zorgde er vroeger voor dat in een stroomgebied de watermolens samen een belangrijke bijdrage leverden aan het waterbeheer. Door de werking van die cascade zoveel als mogelijk te herstellen, kunnen de watermolens samen helpen een klein deel van de klimaatproblematiek op te lossen en kunnen ze natuur en landschap verbeteren. Kennis van de cascade van verdwenen en bestaande watermolens en hun functioneren is dus heel belangrijk.”
Ze vertelt dat er al flinke stappen zijn gezet. “Iedere Limburgse watermolen waarvan het watermolenlandschap in kaart is gebracht, ontvangt van de Molenstichting Limburg een zogenaamd watermolenpaspoort dat zowel de monumentale als landschappelijke waarden uitgebreid omschrijft. In Noord-Brabant heeft een deel van de watermolens inmiddels ook zo’n paspoort.”

Erfgoed Deal
Het Erfgoed Dealproject ‘Watermolenlandschappen’ is de volgende stap. “Daarin werken we uit hoe we de mogelijkheden van watermolenlandschappen mee kunnen nemen in uitvoeringsprojecten van bijvoorbeeld het waterschap. Onderzoek en kennisuitwisseling is van belang. Hoe beter we het watermolenlandschap, de gehele cascade, in kaart brengen, hoe beter we het in kunnen zetten. Door daar samen met de Provincie, het waterschap en andere partijen voor te gaan, is dat zeer waardevol voor ons erfgoed en andere doelen op het gebied van natuur en milieu,” besluit zij.

Een informatiekaart over de werking van een vistrap en het watersysteem bij de Collse Watermolen. (Foto: Wouter Pfeiffer/Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)

Tekst Kees Kleijwegt