Bouwhistorische verkenning wijst uit

Van Tienhovenmolen heeft oudste geklonken roede van Nederland

Wolfshuis-Bemelen_Molenaar Koen van der Maat

Momenteel zijn molenroeden het gesprek van de dag in molenland. Veel molens staan stil vanwege  risicovolle roeden en onder leiding van De Hollandsche Molen is onderzocht hoe nu om te gaan met het monitoren van stalen roeden. Potroeden vallen buiten dit onderzoek. Maar ook deze kunnen mankementen vertonen. Zo werd in 2020 slijtage ontdekt bij de Potroede van de Van Tienhovenmolen in Wolfshuis-Bemelen. Een bijzonder exemplaar, zo bleek na een bouwhistorische verkenning die in opdracht van Het Limburgs Landschap werd verricht. Het Molenfonds financierde dit onderzoek.

Landschappelijk zeer fraai staat de Van Tienhovenmolen op het bekende plateau van Margraten. Als ik kom aanrijden draait de bijzondere molen rustig. Dat is anders geweest. Pas sinds kort is de molen weer volop draaiend en malend te zien dankzij het enthousiasme van de jonge (beroeps)molenaar Koen van der Maat uit Maastricht. Niet alleen door zijn toedoen maar ook doordat eigenaar Stichting Het Limburgs Landschap besloot om fors te investeren in het onderhoud van een van haar negen molens.

Draaiverbod

“Tijdens controle op het schilderwerk in 2020 merkte de schilder op dat de platen van de geklonken roede slijtage vertonen”, vertelt René Gerats, de verantwoordelijke voor de molens binnen deze stichting. Er wordt deskundige hulp ingeroepen en het blijkt dat de geklonken roede en de Derckx-roede van 1971 slecht zijn. De molen krijgt een draaiverbod. “Onze molen loopt in de SIM (Subsidieregeling Instandhouding Monumenten) maar het bedrag voor restauratie van de geklonken roede en een nieuwe kunnen we daar niet uit bekostigen”, zegt Gerats. Hij klopt daarom aan bij De Hollandsche Molen en vanuit het Molenfonds wordt een bijdrage geleverd maar wel met de wens om een bouwhistorische verkenning te verrichten. Daarnaast dragen de Provincie en het Landschap zelf bij.

 

Uit het onderzoek van EAG-Monuments komt naar voren dat dit de oudst geklonken roede is in Nederland en ook de oudste Potroede die nog draait.

Bouwhistorische verkenning

Het Landschap geeft bureau EAG Monuments uit Montfoort opdracht die bouwhistorische verkenning uit te voeren naar de Potroeden en de molen. Het doel is tweeledig. Enerzijds worden de bouwsporen die op deze roe te vinden zijn vastgelegd. Anderzijds wordt aan de hand van de vele bouwsporen nagegaan waar de onderdelen van de molen oorspronkelijk vandaan komen en hoe het wiekenkruis er oorspronkelijk uit zag.

Oudste geklonken roede

Uit het onderzoek van EAG-Monuments komt naar voren dat dit de oudst geklonken roede is in Nederland en ook de oudste Potroede die nog draait. Wellicht is het zelfs een van de eerste geklonken roeden van de firma Pot, concluderen de onderzoekers Gosliga en Groen van EAG-monuments. Meest opvallend bij deze roede is dat de klinknagels aan beide zijden van een bolle kop zijn voorzien, terwijl Pot-roeden in de regel klinknagels met aan de buitenzijde verzonken koppen hebben. Het is niet duidelijk hoe oud de roede precies is. Vermoed wordt dat hij medio negentiende eeuw is gemaakt. Overigens niet voor de (voorganger van de) Van Tienhovenmolen. De onderzoekers hebben niet voor 100% kunnen achterhalen van welke molen hij wel afkomstig is. Zij sluiten niet uit dat de herkomst gezocht kan worden bij een van de molens van de Binnenwegse polder bij Bleiswijk. De bovenas komt namelijk ook uit deze regio.

 

Wolfshuis-Bemelen_Van Tienhovenmolen_Na restauratie 2021

De Van Tienhovenmolen in Wolfshuis-Bemelen.Inzet: een wiek met de potroede
[Foto: Koen van der Maat]

 

Restauratie

Molenmakerij Beijk uit Afferden heeft de molen, inclusief de roeden, maalvaardig gerestaureerd. Met het restaureren en het nieuw klinken van roeden heeft deze molenmakerij in de loop der jaren naam en faam opgebouwd. Allereerst werden de roeden afgevoerd naar de werkplaats in Afferden waar de Potroede wordt gerestaureerd. Ook werd een nieuw exemplaar geklonken. Ondertussen werd ook herstelwerk verricht aan de romp met mergelblokken. Een specialistisch werkje. Aan het bijzondere gangwerk hoeft niets te gebeuren. Dat is inmiddels weer in bedrijf genomen door de jonge ambachtelijke molenaar.

Zwart
Detailopname van de geklonken Potroede in de werkplaats van de molenmaker. (Foto: Beijk BV)

Molenaarsbedrijf in Zuid-Limburg

In geheel Limburg is nergens geen professioneel maalbedrijf meer wat puur op wind- of waterkracht maalt. Nadat De Volmolen in het naburige Epen stil viel was het gedaan met het beroepsmatig malen van graan. De jonge Koen van der Maat leerde op 14-jarige leeftijd het vak van instructeur Jo Meessen op de torenmolen in Gronsveld, ook bij Gerie Fijen in Keent, in Stevensweert en recentelijk in Hulshorst bij beroepsmolenaar Kirsten Hoeke-van Dongen. Omdat de Van Tienhovenmolen vrij kwam koos Koen ervoor om terug te keren naar Limburg en hier een professioneel maalbedrijf op te bouwen. Specialiteit zal zijn het malen van biologisch meel onder SKAL-keurmerk. Feitelijk is de Van Tienhovenmolen nu weer terug bestemd naar haar historie en maalfunctie.

Foto: Detailopname van de geklonken Potroede in de werkplaats van de molenmaker. © Beijk BV

De naam Van Tienhoven

In 1957 wordt de molen voor het eerst draaivaardig gerestaureerd op aandringen van jonkheer Van Rijckevorsel. Deze man heeft veel betekend voor het behoud van de molens in Brabant en Limburg. De molen wordt dan gerestaureerd door Adriaens uit Weert wat nu nog goed te zien is aan de fraaie baard, gemaakt door wijlen George Adriaens. Deze prachtige baarden zijn onderhand monumenten op zich. Bij deze gelegenheid krijgt de molen de naam van de oprichter van De Hollandsche Molen Van Tienhoven.

Bijzondere molen

Deze korenmolen is om veel redenen bijzonder en daarom eens goed om voor het voetlicht te brengen. Ten eerste is de molen, zoals veel gebouwen in deze streek, opgetrokken uit mergelblokken. Het binnenwerk is van gietijzer in plaats van het - gebruikelijke - hout. Op de watermolens in deze streek is het gietijzer wel gangbaar. Tot slot is er een bijzondere roede qua constructie en ouderdom.

 

Tekst Bart Hoofs 
Fotografie Koen van der Maat